Donderdag, 25 februari, 2021

Geschreven door: Knockaert, Yves
Recensie door: Jager, Koen de

Schubert

Niet geheel overtuigende biografie over de mens achter de componist

[Recensie] Schubert de biografie van Yves Knockaert was een boek dat een beetje in mijn kast brandde. Ik wilde het graag lezen. Waarom? De componist Franz Schubert (1797-1828) is een componist die ik een beetje heb moeten veroveren. Niet vanwege zijn instrumentale muziek. Zijn pianosonates, strijkkwartetten en zijn symfonieën zijn werkelijk prachtig. Dat lag een beetje aan hetgeen waarom hij het meest beroemd is; zijn liedkunst. Daar ben ik ingedoken en ik heb (denk ik) alles van hem beluisterd op dat gebied en hij is onder mijn huid gaan zitten, door zijn muziek alleen.

Maar, van de man zelf wist ik nog niet heel veel. Daarom heb ik zijn biografie aangeschaft zodra deze uitkwam, ik was er alleen nog niet aan toe gekomen. En nu ik hem heb gelezen… ben ik niet helemaal tevreden. Ik zal het trachten uit te leggen.

Het is geen dik boek voor zo’n groot componist, net iets meer dan 300 pagina’s. Maar goed, dat zeg niets over de kwaliteit. De auteur neemt ons chronologisch mee door het leven van Schubert. We zien waar hij zijn muzikale onderricht had, thuis en in het convict waar hij toetrad tot de Wiener Sängerknaben. Tijdens die opleiding bezet Napoleon de stad Wenen en er worden vrijwilligers gezocht om tegenstand te bieden, maar Schubert en de zijnen mochten zich niet aansluiten hierbij. Zij medestudent Spaun geeft een ooggetuigenverslag;

“Om 9 uur op de avond van 12 mei begon het bombardement van de stad. Het was prachtig om te zien hoe de gloeiende kogels voorbijvlogen tegen de nachtelijke hemel, terwijl de talrijke vuurhaarden in de stad de hemel rood kleurden.”

Sociologie Magazine

Om direct mijn eerste bezwaar te noemen, ik mis meer van dit soort beschrijvingen waarin de mens Schubert en zijn werk in de tijd worden gezet. Er wordt later nog gewag gemaakt van het regime van Metternich en zijn censuur, maar veel meer lees ik niet.

Het talent van Schubert is onmiskenbaar en hij blinkt uit in het lied. Hij heeft te maken met de populariteit van de Italiaanse opera, maar hij wil Duitse opera’s schrijven. Hij probeert het vaak en schrijft veel voor dat genre, maar hij zal nooit bekend worden als operacomponist. Wel door het lied en zijn liederencycli. We lezen waar Schubert zijn teksten vandaan haalt en die staan ook vaak in het boek en dan kom ik op mijn tweede bezwaar; ze zijn alleen te lezen in Nederlandse vertaling. Juist bij zijn liederen is de originele Duitse taal zo belangrijk en wil ik die teksten ook in die taal lezen. Dat er een vertaling naast staat of in de noten, prima natuurlijk. Eigenlijk geldt dat ook voor de weinige dagboekaantekeningen of correspondentie van Schubert die in het boek staat.

Er worden een aantal beroemde werken van Schubert uitgelicht voor een nadere toelichting. Daar wringt het ook een beetje. De ene keer worden er veel musicologische termen gebruikt waar een leek weinig mee kan “([…] door intrigerende tekstwoorden van hetzelfde interval te voorzien, dikwijls een tertsval of één of meer opeenvolgende dalende tertsen)”, terwijl Knockaert het ook anders doet, zoals bij de beschrijving van Schubert’s Octet:

“De finale begint op een merkwaardig plechtige wijze (Andante molto), die in het Octet tot dan toe nog niet aan bod gekomen is. De sombere sfeer met de onheilspellende tremolo’s is bewust dramatisch expressief om met meer contrast verder te kunnen gaan in het snelle tempo (Allegro), in een soort eindeloze perpetuum-mobilebeweging. Waar je uiteindelijk een briljante conclusie verwacht, grijpt de componist terug naar de introductie, waarna wel nog voldoende energie overblijft voor een roekeloze coda.”

Daar kan ik iets mee, roekeloze’s coda’s wil ik direct beluisteren. Wat ik weer minder geslaagd vind zijn de beschrijvingen van diverse verhalen van de verschillende opera’s die niet van de grond komen. Die kan ik elders ook nalezen. Ook komen de eerst symfonieën er met anderhalve bladzijde bekaaid vanaf. Helemaal geen goede punten dan? Zeker wel, ik ben er bijna. Nog twee punten.

Ten eerste weet ik niet wat ik met een heel hoofdstuk moet over Schubert’s geaardheid. Knockaert beschrijft uitgebreid dat men speculeert over homoseksuele gevoelens en dat er uit honderden werken wordt geïnterpreteerd, om tot de conclusie te komen dat hij wellicht biseksueel was maar dat het op zijn muziek al helemaal geen invloed had. Het leek mij een weinig zinvol hoofdstuk. Interessanter is Schubert’s relatie tot Beethoven. Schubert was een groot bewonderaar van Beethoven en ze hebben elkaar gekend. Of ze elkaar ook ontmoet hebben; het is waarschijnlijk maar niet zeker. Maar om dan vier pagina’s op te nemen met gebeurtenissen waar ze elkaar hadden kúnnen ontmoeten; ik vond het wat veel.

Maar…ik wist niet van die symfonie waaraan Schubert had gewerkt en die niemand ooit heeft teruggevonden, de Gmunden-Gastein symfonie. Of het is toch één van zijn nu bekende symfonieën, of Schubert wilde er aan beginnen, of hij is echt verdwenen. Mateloos boeiende materie. Ook de mij onbekende dagboekfragmenten en de aantekeningen van zijn vrienden geven een mooi beeld van de omgeving waarin Schubert verkeerde. De beroemde muzikale bijeenkomsten of Schubertiades gaan een stuk meer leven en dat is allemaal winst. Ik wilde alleen dat er meer informatie was. Gezien de vuistdikke Engelstalige biografieën van Heinrich von Kreissle (twee delen van 338 en 352 pagina’s) of van Maurice Brown (435 pagina’s) zou dat toch moeten kunnen.

Eerder verschenen op Quis leget haec?